Links

ONGEVAL EN WHIPLASH?


Er zijn veel benamingen voor nekklachten die ontstaan zijn na een verkeersongeval maar de meest voor de hand liggende en bekendste naam is wel de ‘whiplash’. Bestaat deze aandoening eigenlijk wel en hoe gaan we er mee om? Je zou zeggen dat een arts deze vraag moet beantwoorden maar laat ik maar meteen met de deur in huis vallen; “Niet de arts bepaalt of jij een ‘whiplash’ hebt maar verzekeraars, juristen en uiteindelijk de rechterlijke macht”.

Wellicht ken je iemand die als gevolg van een kop staart aanrijding nekklachten of een whiplash heeft opgelopen. Geschat wordt immers dat er jaarlijks tussen de 15.000 en 25.000 ‘whiplash’ slachtoffers zijn waarvan 20 tot 30 procent een langdurig klachtenpatroon ontwikkelt. Deze getallen zijn omstreden omdat de diagnose niet altijd gegeven wordt. Wel is een duidelijke groei te zien in het aantal schadeclaims dat gebaseerd is op whiplash.

Ik behartig onder meer de belangen van deze slachtoffers en weet waar ze mee te maken krijgen. Vaak word ik vrij kort na het ongeval ingeschakeld zodat snel de juiste procedure gevolgd kan worden. Het gebeurt echter ook dat cliënten maanden of zelfs jaren na een ongeval mijn hulp inroepen. Dit in het kader van een second opinion of wanneer zij niet tevreden zijn over de ingeschakelde rechtsbijstandsverzekeraar. Dit kost het slachtoffer niets en een eerste advies is snel gegeven.

Wat als eerste opvalt is dat er doorgaans al een langlopende (lees: slepende) medische discussie is met de aansprakelijke partij. De verzekeraar vindt dat er te weinig medische informatie is waaruit de klachten blijken en vindt daarmee dat er onvoldoende bewijs is dat de klachten, die ook na één of twee jaar nog steeds bestaan, een gevolg zijn van het ongeval.

Op zichzelf een gewaagde aanname want cliënten vertellen toch dat de klachten ontstaan zijn na het ongeval en dat zij nog steeds niet hersteld zijn? En hoezo is er te weinig medische informatie waaruit het letsel blijkt? Wat moet er nu eigenlijk allemaal aangetoond worden en hoe doe je dat? Het zit nu eenmaal niet in onze aard om snel naar een arts te gaan.

Uit de praktijk:

Goed, de ambulancebroeder of de politie heeft je na de aanrijding geadviseerd om voor controle naar de huisarts te gaan. Dit heb je niet gedaan omdat het gezien de impact van de aanrijding logisch is dat je spierpijn hebt en daardoor ook last hebt van een stijve nek. Je gaat er vanuit dat de klachten na enkele dagen wel minder zullen worden. Wanneer dat niet het geval is bezoek je na een week toch maar de huisarts. Deze legt uit dat de nekpijn heel goed een gevolg zou kunnen zijn van de aanrijding en schrijft in eerste instantie gedoseerde rust voor en pijnstillers. Wanneer dat ook niet helpt wordt je doorgestuurd naar een fysiotherapeut om na enkele weken toch voor de zekerheid maar röntgenfoto’s, een CT scan of een MRI te laten maken. Hierop kan niets worden gezien. Na een bezoek aan de neuroloog wordt het uiteindelijk duidelijk. Je krijgt te horen dat whiplash niet bestaat en dat er geen specifieke behandeling meer mogelijk is. Het advies luidt dat je maar moet leren leven met de klachten en beperkingen en de verzekeraar wil de schade afwikkelen.

Je blijft echter last houden van een zeurende pijn in de nek met uitstraling naar de schouders en rug. Soms ook tintelingen in armen en handen. Een dof gevoel in de vingers. Last van concentratiestoornissen, vergeetachtig en een wisselend humeur. De conditie is slecht. Je voelt je futloos en hebt geen energie, maar gelukkig is het niets volgens de arts en de verzekeraar. “Dan zal het wel psychisch zijn”, is ook een veel gehoorde uitspraak.

Ik kan mij goed voorstellen dat slachtoffers zich zo niet serieus genomen voelen nu iedere vorm van erkenning ontbreekt. Je hebt toch niet gevraagd om aangereden te worden? We zijn van oorsprong niet claimgericht maar kunnen niet tegen onrecht!

Medische overweging:

Inmiddels is duidelijk dat de vereniging van neurologen nog steeds geen goede wetenschappelijke verklaring heeft voor de ‘whiplash-klachten’. Deze beroepsgroep heeft jarenlang studie verricht om een oorzaak en gevolg aan elkaar te verbinden. Doelstelling was om een eenduidig protocol op te stellen met behandelmethoden.

De neurologen vinden dat het postwhiplash syndroom een verzamelnaam geworden is voor allerlei symptomen die kunnen optreden na een hyperextensie-hyperflexie beweging van de halswervelkolom. Een aantal aspecten van dit syndroom is bijzonder. Zo zijn er bij de meest voorkomende lichtere gevallen van whiplash (WAD I en II) geen aantoonbare lichamelijke afwijkingen, in de zin van neurologische of radiologische verschijnselen. Mede door het ontbreken van een anatomisch substraat (jargon) is het stellen van de diagnose “whiplash” daarom met veel onzekerheid omgeven, aldus de beroepsgroep. Het plan was dan ook om duidelijke richtlijnen voor te schrijven over de te volgen behandelingen, met name vanwege het gebrek aan inzicht in oorzaken van de klachten na een whiplash en de beperkte consensus over de mate van handicap en arbeidsongeschiktheid. Helaas hebben deze protocollen niet geleid tot het gewenste uniforme resultaat zodat het nu de beurt is aan de psychiaters en pijnbestrijders om verder wetenschappelijk onderzoek te doen.

Juridische overweging:

Om recht op schadevergoeding te krijgen moet de eisende partij bewijzen wat de schade is. Bij orthopedisch letsel, bijvoorbeeld wanneer je door een ongeval een arm of been hebt gebroken, is er weinig tot geen discussie. Bij letsel dat medisch gezien niet goed verklaard kan worden, zoals nek- of rugklachten, is de kans op discussie groter. Wanneer ook de schadeomvang groot is dan zal de verzekeraar sneller het standpunt innemen dat onvoldoende aangetoond is dat de klachten en beperkingen een gevolg zijn van het ongeval. Omdat de artsen de nekklachten medisch gezien ‘niet kunnen objectiveren’ (jargon) zal de belangenbehartiger ander bewijs moeten overleggen. Gelukkig heeft de Hoge Raad in Nederland bepaald dat er niet al te strenge eisen aan het bewijs mogen worden gesteld en dat je ieder slachtoffer moet nemen zoals die is.

Kortom; er zal een juridisch verband moeten worden aangetoond tussen de klachten en het ongeval. De medische onderbouwing helpt daarbij maar is niet altijd leidraad.

Wij kennen de risico’s en eventuele gevolgen maar al te goed en kunnen niet genoeg wijzen op de rechten en mogelijkheden. Mocht je zelf hulp nodig hebben met betrekking tot letselschade dan kun je gratis contact met ons opnemen voor een eerste advies. Bel (0411) 689 078 of stuur een Email naar michel@feenstra-partners.nl. Wij helpen je graag!

Zoek met tags
Recent Posts